AUSTRALIË 2008

 

De eend keert zich om, plots vastbesloten. Gebiologeerd staart hij naar de stenen. Het volgende moment rekt hij de hals om te zien of er vanonder nog iemand voorbij komt. Hij kwaakt een maal…niets. Het hele schouwspel voltrekt zich nogmaals. Dan vindt de eend het genoeg en hij zwemt door het rustige kanaaltje weg, een onzekere toekomst tegemoet.



Hobbies? Ruïnes. Voor mij wordt iets pas echt mooi als er geen menselijke pogingen meer aan te pas komen. Alles wat in de steek gelaten is en/of vergeten is mooi. Alles waar veel (actuele) moeite voor wordt gedaan en waar een gedachte achter zit is lelijk.



Het probleem met insekten; ze hebben nooit geleerd zich alleen met hun eigen zaken te bemoeien.



De wereld der insekten, waarde heer…dat is me er een! Laatst heb ik een feestje van nachtvlinders tegen het badkamerlicht verstoord. (door het licht uit te doen) De volgende ochtend lagen ze als dronken hotelgasten na een zware nacht verspreid over de vloer. Ik heb er nog 1 de genadedood gegeven in de wasbak (doorgespoeld met koud water).


“ Ow wat een mooie jongemààn ben jij” zei de oude dame. ‘Ow laat me je es even aaaanraaaaken…” Ik deinsde terug voor haar begerige beverige gerimpelde bevlekte oude klauwen. (later dacht ik; wah ben ik tog een seikert)


“ Hoe zou u zichzelf omschrijven?”
“ zwak”
“ zwak?”
“ heel zwak”
“ zwak ten opzichte van wat of wie?”
“ volkomen soeverein zwak”.

Hek say; het wilde weten gewormfucked:

medegewerkte wuftheid clown.
oranjebomen waarderen methyl.
embryonale jodenhater warmen.
onwaardeerbare hymnen molt je.

Natuurlijk ben ik je vriend maar dat kan nu eenmaal niet. Ik voel me in jouw aanwezigheid altijd zo compromisloos, zo integer, zo vol van inhoud. Nou zou het tegenovergestelde me ook niet bevallen maar dat is op het moment geen reden om je geen schop voor je reet te verkopen. rot dus maar op !

Een van je meest onaantrekkelijke eigenschappen is je ambitie. Je wilt zo graag meedoen met alles en iedereen. Wat nu precies je handicap is, blijft voor mij onduidelijk. Je bent intelligent, niet lelijk, je hebt smaak. Je probeert er wat van te maken... Je hebt alleen geen flauw idee waar je mee bezig bent, waar je vandaan komt en waar je naar toe gaat. Prima toch, niets meer aan doen. En het feit dat ik je niet mag is alleen maar een aanbeveling voor de meeste mensen, prijs je dus gelukkig.

Ik zit bijna weer op m'n oude niveau. Mythe en werkelijkheid beginnen in razend tempo uit elkaar te vallen. Eerst doet iemand iets, dan heeft dat succes, dan gaat er iets fout, dan wordt die persoon in de steek gelaten, dan gaat ie dood. De achtergeblevenen hullen zich in leugentjes om bestwil om hun eigen faken en falen te verbloemen en hun onmacht om de dode persoon gered te hebben. Dat wordt verkeerd begrepen door media en groot publiek. De mensen projecteren hun eigen wishfull thinking op de lijken van hun idolen. Drugs, kogels en tijd. (in die volgorde).

Maar wat gebeurde er werkelijk ?

"Telefoon voor de heer Zelfkik!"

"Wie is 't?"

"Uzelf geloof ik meneer..."

"Wat wil ik van mezelf?"

"Dat moet U zichzelf maar vragen meneer"

"Ik heb me nog wel zo op 't hart gedrukt me hier niet te bellen! Hoe weet ik eigenlijk dat ik hier ben?"

"U schijnt zichzelf nogal in vertrouwen te nemen meneer..."

"Guy Wie?"

"Dubber of zoiets..."

"Een twijfelaar dus?"

"Hep zichzelf omgelegd, dat zie je toch vaak hoor, bij dat soort lui..."

"Wat soort lui?"

"Ach man ga toch fietsen..."

"Tsja ik heb t niet zo met de openbare ruimte..."

"De beslotenheid van je eigen beeldbuis met zaporgaan is jouw liever?"

"Het klinkt allemaal weinig spektakulair maar zoals De Dichter Des Vaterlandes, Ree Komval al zei, Ik Ben Erg Diep In De God Van Mijn Gedachten..."

"Eet je hart uit, Guy Dubber..."

(etc.)

(hier wat dingen die Guy zei (schreef), ik moest ze toch al noteren voor Mike die er wat spektakulairs mee voor had, overgeschreven uit de Dolle Hond- uitgave).


Het gehele leven van de samenlevingen waarin de moderne productieverhoudingen heersen, dient zich aan als een ontzaglijke opeenhoping van spektakels. Al wat direct werd geleefd, heeft zich in een voorstelling verwijderd.

De beelden die zich van ieder aspect van het leven hebben losgemaakt, versmelten in een gemeenschappelijke stroom, waarin de eenheid van dit leven niet meer kan worden hersteld. De gedeeltelijk beschouwde werkelijkheid ontvouwt zich in haar algemene eenheid als afzonderlijke schijnwereld, slechst object van aanschouwing. De verbijzondering van de beelden van de wereld wordt in de voltooide vorm teruggevonden in de wereld van het auronoom geworden beeld, waar het leugenachtige zichzelf belogen heeft. Het spektakel is in het algemeen, als concrete omkering van het leven, de autonome beweging van het niet levende.

Het spektakel is geen geheel van beelden, maar een maatschappelijke verhouding tussen personen door bemiddeling van beelden. (…) Het is veeleer een Weltanschauung die werkelijk is geworden, materieel is vertaald. Het is een kijk op de wereld, die is geobjectiveerd

Het spektakel doet zich voor als een geweldige, onbetwistbare en ongenaakbare stelligheid. het zegt niets meer dan 'wat verschijnt is goed, wat goed is verschijnt'. Het eist principieel de houding van passieve aanvaarding die het in feite al verkregen heeft door zijn verschijningswijze die geen antwoord toelaat, door zijn monopolie van de schijn.

Naarmate de noodzaak een maatschappelijke droom wordt, wordt dromen noodzakelijk. Het spektakel is een boze droom van de geketende moderne maatschappij, die uiteindelijk slechts een uitdrukking is van haar wens om te slapen. Het spektakel is de wachter van deze slaap.

Evenals de moderne maatschappij is het spektakel tegelijkertijd één en verdeeld. Net als zij bouwt het zijn eenheid op de verscheurdheid. Maar zodra de tegenspraak in het spektakel opduikt, wordt zij op haar beurt tegengesproken door een omkering van haar betekenis -zodat de getoonde verdeeldheid een eenheid vormt, terwijl de getoonde eenheid verdeelt is.

(...)Wat hij ontwikkelt is het kwantitatieve, en alleen hierin kan hij zich ontwikkelen.

Het spektakel doet zich tegelijkertijd voor als de maatschappij zelf, als een deel van de maatschappij en als middel tot vereniging. (…)”

De wereld bezit reeds lang de droom van een tijd, waarvan zij nog slechts het bewustzijn behoeft te bezitten om hem wereklijk te leven.

Het einde van de geschiedenis van de cultuur openbaart zich in twee tegengestelde aspecten: het streven naar haar opheffing in de totale geschiedenis, en de organisatie van haar instandhouding als dood object, in de spektakulaire aanschouwing. (...)


(...) De grootsheid van de kunst begint pas te verschijnen bij het verval van het leven.

(...) Het plagiaat is noodzakelijk. (...) Het volgt de zin van een schrijver op de voet, bedient zich van zijn uitdrukkingen, wist een onwaar idee uit, vervangt het door een juist idee.

De werkelijke negatie van de cultuur is het enige dat er de zin van behoudt. (...)

'wat een smeerlapperij, die troep"

'smeerlapperij, m'n poepgat, ik vindt het ketterij!'

'ketterij, m'n aarslikrandje, het is zoogdierenvullis!'

Er was een deuntje in het hoofd van de man zonder afwasborstel. Het speelde onafgebroken (en bovendien onophoudelijk) een gebroken melodie die raspte in het oorbeen van de medestander, als ware het een schorre vetdraaineef.

'ik ben je medestander helemaal niet, reepsnugger!'

Nouja, zo ging dat nog wel even door. De confrater becommentarieerd. Het ouwe capella.

Nou komt die goser opzetten met z'n slaafse houding. Doet voor iedereen de was. Mag Ik Uw Voetveeg Zijn? Je kent dat wel. (nee dat ken ik toevallig niet)(maakt niet uit). Moet ik je dan ook maar meteen aardig vinden? Vroeg ik em. 'Ik doe toch veel voor je" zegt hij. 'Ja, en voor al die anderen ook...maar 't gaat te gemakkelijk...je bent te belangeloos lief...alsof je denkt dat we daar waarde aan hechten...'

'Ik kom namelijk enorm klaar -in m'n broek, gelijktijdig, als ik mensen mag dienen...dus zo belangeloos is dat allemaal niet...heeft u daar soms moeite mee?'

' Het maakt 't voor mij nog enigzins verdragelijk...maar de voorstelling van jouw geheime orgasme geeft me niet zo'n fijn gevoel...sommige dingen weet ik liever niet...'

het virus der aanknopingspunten